Copyright © 2002/ 2004: Het Prieeltje Online.  All rights reserved. Webdesign: Henri Thijs. Niets uit deze uitgave mag worden
gekopieerd zonder uitdrukkelijke toestemming van de uitgever. 't (muzen-)Koeriertje, Het Oog van de Roos en Het Prieeltje Online zijn
trademarks van  Het Prieeltje v.z.w., Demerstraat 32 bus 7, 3290 Diest. (België).  Tel. 013/33.55.16.  Deze site kan best worden bekeken
met en werd speciaal geconcipieerd voor  de standaardschermresolutie van 800 x 600.  
D.A. LEVY (1942-1968, Cleveland, USA)
Keuze en vertaling Henri Thijs
HET “DESTRUCTIEF GESCHRIJF” VAN LEVY door Henri
Thijs

D.a.Levy werd geboren in Cleveland in 1942 en woonde daar tot hij zelfmoord
pleegde in 1968.  Samen met T.L. Kryss, D.R. Wagner, RJ Sigmund en verscheidene
andere schrijvers uit de regio was hij lid van de zgn “Underground Thought
Patrol”, een gesloten clubje dat rebelleerde tegen het establishment en aanzette
tot revolutie door middel van poëzie.  Levy publiceerde verschillende
“ondergrondse” dagbladen en dichtbundels zoals “The Buddhist Third Class
Junkmail Oracle” en de “Polluted Lake Series”.  Hij werd gearresteerd, voor velen
ten onrechte, omwille van obsceen gedrag en beroofde zich van het leven in
november van 1968 op amper 26-jarige leeftijd.
Hij was een typische Amerikaanse avant-gardistische dichter die zijn eigen werk
bestempelde als zijnde een “destructief geschrijf”.  Dit laatste begrip slaat op een
onverkend filosofisch terrein dat gelegen is tussen het visuele en het
geschrevene.  
Voor Levy is het poëtische in essentie: verandering, ontwrichting, ruïne.  Hij maakt
dit ook concreet duidelijk door de vormgeving van zijn publicaties die op zijn minst
merkwaardig te noemen is.  Zo is het aantal bundels opgesteld in klassieke
tekstvorm eerder zeldzaam en had hij een voorkeur voor figuratieve expressie en
beeldmanipulatie om zijn nihilistisch gedachtegoed voor te stellen. Dat doet hij bij
voorbeeld zeer efficiënt in de verzamelingen “Zen Concrete” en “The Tibetan
Stroboscope”. Beide werken zijn in feite loutere  gedichtencollages voor het
grootste gedeelte samengesteld uit met inkt gevulde tekstvelden waarin de
woorden werden verduisterd en beklad tot ze haast onleesbaar werden.  
Woorden en lijnen vloeien in elkaar, worden wazig, groeien, buigen, veranderen,
verschijnen, verdwijnen en ontbinden als het ware op de pagina.  Fragmenten van
Boeddhistische teksten, fotobeelden uit de toenmalige actuele tijdschriften,
beelden uit de heilige Tibetaanse en Indische kunst worden soms ingebed in de
syntaxis gevormd door de verduisterde tekstvelden. Deze ingekaderde beelden
lijken het karakter aan te nemen van de uitgewiste typografie en verzinken in de
obscuriteit van de teksten.  Het overheersende effect dat daaruit voortvloeit is
een gevoel van grote directheid, rechtstreekse transmissie en een zero-impact dat
ze bewust beogen.  Een frequente respons op deze gedichten is een lach, een
grap, kortom: humor. Een op het eerste gezicht niet ernstig te nemen presentatie
van zaken en daar gaat het hem nu precies om.  In een technologische
maatschappij waar alles gehoorzaamt aan de orde van regels en afspraken wordt
ook de poëzie en de cultuur in het algemeen ingekaderd in dat wambuis van
wetten en verordeningen.  De avant-gardistische strekking in de poëzie van Levy
reageert daartegen door non-conformistisch en dus destructief te zijn om te
kunnen communiceren.  Daarom die eigenaardige voorstelling van zaken in zijn
publicaties om aan te te tonen dat er in feite “niets gebeurt”: om te kunnen
communiceren moet alles, d.w.z. al het gangbare, worden afgebroken in een
gedicht. “Poëzie is een algemeen opofferingsproces waarvan de woorden de
ultieme slachtoffers zijn”.  Want alleen als het gedicht wordt gelicht uit zijn
“productieve” omgeving kan het communicatief zijn en beginnen te leven.  


ZEVEN TEKSTGEDICHTEN VAN D.A. LEVY

ZITTEND OP EEN BANK DICHTBIJ TSQUARE

(voor David Meltzer)

1.

door de takken van
de dunne bomen van de tiende straat
wacht de blauwe lucht met mij &
ik wacht op god
(op een wit paard)
om te rijden
door de takken beneden
aan de  oostkant
alvorens terug te keren
naar Cleveland
& en iets zegt mij
dat hij niet komt

2.

ik ben een volgeling van de levieten
ik heb mijzelf keltisch blauw
geschilderd
& ik voel mij bijna als
een vogelvrijverklaarde

de druïden geven mij soep
& denken dat ik een lama ben

al bijna zeven jaren
zoek ik naar god

& de paden zien er zo schraal
uit als de bomen van de tiende straat

ik ben een volgeling van de levieten
& en vorige week
noemde mij een fanatieke jood daarboven
een halfbloed
omdat mijn moeder een christen was

ik ben een volgeling van de levieten
& vorige week dacht een rabbijn
dat ik scherste omdat ik hem zei
dat ik geïnteresseerd was in het judaïsme

god ik denk dat jouw gevoel
voor humor maar triest is
& misschien voel jij je ook
een beetje een vogelvrijverklaarde

god het verwondert mij
hoeveel jaren de joden jou
nu al hebben verbannen
druk doende dat ze waren
met te overleven

(SITTING ON A BENCH NEAR TSQUARE)

*

DE BELLEN VAN DE CHEROKEE PONY’S

ik dacht dat ze
windklokken waren
in de straten van de nacht

met mijn prille ogen
keek ik naar het oosten
en het verre bellen
van spookpony’s
rees uit de grond

pony’s pony’s pony’s

(het jonge paardje wordt
een grappig klinkend
woord)

ik keek naar het oosten
op zoek naar boeddha’s
die die bellen wenend in
de duisternis
konden verklaren

De Ondergrondse Paarden
stijgen op

Cherokee, Delaware, Huron
we gaan jullie land teruggeven

de jonge paarden
zullen jullie land terugbrengen

om het te zuiveren
met hun tranen

De Ondergrondse Paarden
stijgen op
om hun vaders te zeggen

« in de straten ‘s nachts
wenen de bellen van
de Cherokee pony’s »

(THE BELLS OF THE CHEROKEE PONY’S)

*

HIMEROS

zij liet mij in een gefluister
achter op straat
met als herinnering
die laatste hongerige kus
 van haar gouden gelaat

(HIMEROS)

*

VOOR EEN REGENACHTIGE DAG

kussen
om te bewaren
tussen de bladen van een boek
als bloemen
van een zonnige dag
om jaren later
tussen vergeelde bladzijden
diezelfde kussen te vinden
- verwelkt en droog

(FOR A RAINY DAY)

*

HELP

a.u.b. wereld
stop met rond te tollen
ik word zeeziek
waar is mijn papieren zakje
ik wil afstappen

(HELP)

*

GEDICHT VOOR BEVERLY

1

ik zit naast haar
& onze tenen beginnen een liefdesdans
ik denk
hoe mooi
haar donkere glimlach
haar donkere huid
& ik raak haar armen aan
haar schoot
onze benen raken elkander
& ik besef dat ik
mijn hand wil zien
op haar donkere borsten
en ik kan het niet
ik probeer maar mijn ogen
verdwijnen & beverly, beverly
is moe & ligt naast mij
ik voel mij erg verward
ik wil werkelijk niets anders
dan bij haar zijn
met mijn hand over haar ruggengraat
kan ik niets anders doen
dan liefdesgedachten koesteren
voor haar & flitslichten in mijn
hoofd & mij afvragen of zij
kan horen hoe ik haar liefheb

2

in het negende dimensionale
instortbare universum
wachtend op iemand om
het te doen
vraag ik haar wat
zij echt wenst
zij weet
dat zij geborgenheid wenst
& ik ben zo oud en dwaas
in mijn nood
dat ik haar de waarheid vertel

(POEM FOR BEVERLY)

*

65 GEPASSEERD

een oude man veegt
de straten schoon
oude vrouwen zitten op
houten stoelen voor winkelramen
de hete zon brandt een zomerspleet
in mijn winterjas
toen ik hoorde
dat de engel des doods in de buurt was
wilde ik hem tegemoet gaan en zien

(PASSOVER’ 65)


VOORBEELDEN VAN MINIATUREN EN COLLAGES
(religieuze collage)
(Uit: The Tibetan Stroboscope)
(Uit: De Postercollectie)
(Uit: Miniatures, page 1)
(Uit: Miniatures, page 2)
(geplaatst op 22-09-2004)

terug naar boven