Copyright © 2002/ 2004: Het Prieeltje Online. All rights reserved. Webdesign: Henri Thijs. Niets uit deze uitgave mag worden
gekopieerd zonder uitdrukkelijke toestemming van de uitgever. 't (muzen-)Koeriertje, Het Oog van de Roos en Het Prieeltje Online zijn
trademarks van Het Prieeltje v.z.w., Demerstraat 32 bus 7, 3290 Diest. (België). Tel. 013/33.55.16. Deze site kan best worden bekeken
met en werd speciaal geconcipieerd voor de standaardschermresolutie van 800 x 600.
GARY YOUNG (USA) keuze en vertaling: Henri Thijs
|
De Amerikaan Gary Young is de auteur van vier gedichtenbundels, nl. “Hands”, “The
Dream of a moral Life”, “Days” en “Braver Deeds”. Zijn gedichten zijn in de States
verschenen in talrijke tijdschriften en bloemlezingen zoals “Poetry”, “The American
Poetry Review”, “The Nation” e.a. Hij is ook de uitgever van “The Greenhouse
Review Press” en is bovendien een welgekend drukker en boekillustrator. Hij woont
met zijn vrouw en twee zonen in de bergen ten noorden van Santa Cruz in Californië.
TWEE GEDICHTEN VAN GARY YOUNG
Mijn zoon leert over de dood, over de mogelijkheden.
Zijn kat werd gedood. Daarna stierf Mark, dan Ernesto. Hij
bekeek het nieuws, en zag hoe soldaten met de bulldozer werden begraven in
de aarde na de veldslag. Langs de straat, werd een jongen, van zijn
leeftijd, gevonden drijvend in een vijver. Mijn zoon zegt, we zijn voorzichtig
met water, en plonst in zijn warm bad. Wij willen niet
sterven, zegt hij, wij willen voor eeuwig leven. We zullen slechts later
sterven, zegt hij, en schudt zijn hoofd. Dood is
begrijpelijk; wat later komt is nog een week weg, of twee,
en zal nooit gebeuren.
* * *
Mijn moeder was een mooie vrouw. Zij was ook een
mooi kind geweest. Zij danste voor de soldaten, en zong
voor hen, en iedereen klapte enthousiast in de handen en juichte. Als
zij ging menstrueren, dacht ze dat zij ging sterven. Haar gelaat
stond gespannen, en haar moeder schreeuwde, hoe kon je dit doen? Hoe zullen
we leven? Wie zal nu nog van je houden ? Jaren later, wendde zich mijn
moeder tot mij. Ik was twaalf. We waren gestopt om te rusten in een
kleine stad. Ze legde haar handen op mijn wangen. Geef dat eens hier,
zei ze, en zij duwde haar nagels in mijn vlees, zo diep tot ik begon te
bloeden. Zo begint het, zei ze, en het was niet de schok of de pijn, maar de
blik in haar ogen die me ertoe bracht te huilen.
(Uit: “Braver Deeds”)
(geplaatst op 30-03-2004)
terug naar boven
