SCHADUWEN

Terwijl je het stof van je kleren borstelt, begeef je je op weg naar de stad, alsof ze op
jou had staan wachten je leven lang, maar de stad weet niets af van je bestaan, zelfs
nadat je jarenlang haar straten hebt doorkruist.  Voetstappen klonteren samen achter
jouw piepkleine kamer elke nacht.  Dezelfde deur wordt toegeslagen aan het einde van
de gang.  Iemand roept jouw naam.  De stem is altijd achter je, hoeveel keren je ook
omkijkt.

(SHADOWS)

* * *

HOUDINGEN

Wij knopen onze kragen en jassen toe.  Een vrouw loert van achter een gordijn.  
Houdingen zijn verhard.  Jij stottert op het cruciale moment, met de vorm van een dode
taal gedrukt op jouw tong.  Er bestaat nog steeds een mogelijkheid om terug te trekken,
een rol te spelen om te overleven.  Trouw staart verlegen, voedt zichzelf  als een hart in
de duisternis.  Allerlei onbenulligheden doemen op in het verhaal: jouw hoesten in de
lege straat, een steen in jouw schoen als we aankomen aan de rand van de stad.  Het
verhaal vouwt zich open, een verre schreeuw van wat wij hadden verwacht.  

(ATTITUDES)

* * *

NIET TERWIJL WIJ ONS ZORGEN MAKEN

Een man vluchtte weg uit de gang.  Misschien had hij iets te zeggen, maar als dat zo
was, stopte hij niet om het te zeggen.  Zo loopt de draad.  De verlorene keert terug naar
een huis waar hij ruikt de gekookte aardappelen, ofschoon zijn moeder, in zijn
onwetendheid, al tien jaar dood is.  Niet alle betekenissen komen samen zoals eens
gepland.  Het proces neemt de vorm aan van een klingelende deurbel, punten
samengevoegd op een grafiek,  een bedoeling ontdekt voor de eerste maal daar waar
voorheen het patroon onzichtbaar was.  Leeg van bronnen is een nieuw begin mogelijk,
geen winnaar, geen verliezer.  Een perceptie van een einde heeft uiteindelijk niets met
ons te maken.

(NOT WHILE WE CARE)

* * *

EN TEN LAATSTE DE BEGINNER

Een gevoel van speelsheid hielp ons in onze industrie.   Hulpeloos als een vers gepeld
ei, stak jij een andere keer je hand op, en maakte obscene gebaren naar voorbijgangers
op het houten voetpad in het kleine stadje.  Nog altijd waren wij in staat welkom te zijn
op elke plaats waar we kwamen, een affectie misschien te vlug geformuleerd daar geen
kus permissie kreeg om te landen op jouw slapend gezicht, een liefdevol moment
ontdaan van elke proportie.  Geen verwijt  kon blijven duren.  Geestelijk afwezig gingen
we op ijs.  Jij slaagde erin te geloven in het belang van het ogenblik, kronkelend om er
te geraken zolang je nog kon, met je losgeknoopte strikken.

(AND LASTLY THE BEGINNER)

* * *                 

ZONDER EEN WOORD

Een figuur rende naar mij toe in grijs licht.  Ik keek hoe jij verdween in het bos, bang,
maar voorbereid op wat ook in de boodschap zou staan, misschien een gefluister van
golven daar ik mij afvroeg hoe ik een ander leven zou kunnen geleefd hebben met de
oude patronen gebroken en niets anders voorhanden om ze op te vullen, alhoewel de
rest wel vlug genoeg zou terugkomen als we onze angst maar accepteerden.  Visjes
speelden in donkere ruimten, hoopvol voor een vangst.  Een scherpe schreeuw bevatte
alle cruciale elementen.  Voetstappen kwamen nader.  Met de ogen gesloten, wachtten
wij.  

(WITHOUT A WORD)

* * *

SLACHTING

Ik ga naar de beenhouwer
Om mijn keel te laten oversnijden

Een kudde bloedende dieren
Vergezelt mij door stille

Met sneeuw bedekte straten
Een man kruipt uit een riool

En sloft in de andere richting

(SLAUGHTER)

Bron : Stridemagazine

(geplaatst op 11-06-2005)

terug naar boven
IAN SEED (Groot-Brittanië)
gekozen en vertaald door Henri Thijs
Copyright © 2002/ 2009 't Prieeltje Online. All rights reserved. Webdesign: Henri Thijs.  Niets uit deze uitgave mag worden gekopieerd zonder
uitdrukkelijke toestemming van de uitgever. 't (muzen-)Koeriertje, Het Oog van de Roos en Het Prieeltje Online zijn trademarks van  Het Prieeltje,
Demerstraat 32 bus 7, 3290 Diest. (België).  Tel. 013/33.55.16.  Deze site kan best worden bekeken met en werd speciaal geconcipieerd voor  de
schermresolutie van 1024 x 768