Copyright © 2002/ 2004: Het Prieeltje Online.  All rights reserved. Webdesign: Henri Thijs. Niets uit deze uitgave mag worden
gekopieerd zonder uitdrukkelijke toestemming van de uitgever. 't (muzen-)Koeriertje, Het Oog van de Roos en Het Prieeltje Online zijn
trademarks van  Het Prieeltje v.z.w., Demerstraat 32 bus 7, 3290 Diest. (België).  Tel. 013/33.55.16.  Deze site kan best worden bekeken
met en werd speciaal geconcipieerd voor  de standaardschermresolutie van 800 x 600.  
Het “paradoxisme” (een officiële Nederlandse term moet nog worden uitgevonden), is een
avantgardistische beweging in de literatuur, de kunst, de filosofie en de wetenschap die is
gebaseerd op het excessief gebruik van antithesen, antinomieën, contradicties, en paradoxen
in de creaties.  De stroming werd al in 1980 opgericht en gepatroneerd door de schrijver
Florentin Smarandache die zijn beweegredenen aldus omschrijft: “ Het doel is de verruiming
van de artistieke sfeer door de incorporatie van niet-artistieke elementen en vooral door de
creatie op experimentele wijze tegendraads en averechts te laten verlopen.” (1)
Ethymologisch komt het woord voort uit een samensmelting van het begrip “paradox” en
“isme”, wat de theorie voorstelt die het intensief gebruik van de paradox in de kunst
aanbeveelt.
De stroming heeft zijn wortels in het Roemenië van de jaren ‘80 waar ze is begonnen als een
protest tegen het totalitair regime van de gesloten maatschappijstructuur in dewelke de
cultuur werd beheerst door een kleine groep enkelingen die enkel aan hun eigen ideeën en
publicaties aandacht schonken waardoor een auteur/artiest omzeggens niet in staat was zijn
eigen werk op het publieke forum te brengen.  Vandaar dat de reactie vanuit die hoek ook
zeer hevige en contradictorische impulsen kweekten die resulteerden in uitspraken zoals:
“laat ons literatuur maken die geen literatuur is, laat ons schrijven ..zonder ook effectief te
schrijven!  Hoe?  Eenvoudig: de literatuur als voorwerp!  “De vlucht van een vogel” bij
voorbeeld vertegenwoordigt een “natuurlijk gedicht”, dat niet meer hoefde geschreven te
worden, omdat het meer voelbaar en zichtbaar was in om het even welke taal dan in de
tekens uitgestald op papier, die er in feite een “artificieel gedicht” van maken: vervormd, en
het gevolg van een valse transcriptie door de waarnemer van het waargenomene.  “De auto’
s die voorbijrazen in de straat” worden dan een “stadsgedicht”, “de zwervende boeren “een
gedicht van uitstraling”, “de droom met de ogen open” een “surrealistisch gedicht”, “het loos
gesprek” een “dadaïstisch gedicht”, “een gesprek in het Chinees voor iemand die deze taal
niet spreekt” een “geletterd gedicht”, “de discussies van reizigers in de trein en op perrons
over diverse onderwerpen” een “postmodern gedicht” (intertextualisme).  Of om er een
verticale classificatie van te maken: “Visueel gedicht’, “Sonoor gedicht”, “Reukgedicht”,
“Tastgedicht”.  Of  nog in diagonaal opzicht: ”het gedicht-fenomeen”, “het zielsgedicht”, “het
dinggedicht” enz..  In de schilderkunst, de beeldhouwkunst doet hetzelfde fenomeen zich
eigenlijk voor: alles bestond reeds in de natuur, was reeds gefabriceerd. Onnodig het nog te
visualiseren.   Contradicties alom dus.  Ook weer gevoed in de onderstroom door de
maatschappelijke toestand in Roemenië waar men verplicht werd een dubbel leven te leiden:
het officiële leven gepropageerd door de politieke machten enerzijds en het werkelijke leven
anderzijds.  In de massamedia stelde men steeds een paradijselijk leven voor dat in realiteit
een hoop ellende was.  De paradox zelf dus.  Het proces van de schepping werd
dienovereenkomstig ook weggehoond maar dan in omgekeerde zin, op een syncretische
wijze.  En zo ontstond a.h.w. automatisch het” paradoxisme”.  De folkloristische grappen
die volop in zwang waren tijdens het Ceauscescuregime en eigenlijk een intellectuele
afleiding vormden fungeerden als uitstekende inspiratiebronnen.  De “neen” en “anti”-
paradoxistische manifesten kregen daardoor een constructieve allure en helemaal geen
nihilistische zoals op het eerste gezicht zou kunnen worden gedacht. Deze overgang van de
paradox naar het fenomeen “paradoxisme” is miniutieus beschreven door Titu Popescu in
zijn klassiek oeuvre “De esthetiek van het Paradoxisme” (1994).  
Wat houdt nu precies deze stroming in?  Hoe moeten wij ons deze avantgardistische
beweging in concreto voorstellen en wat is het impact ervan op de literatuur in het algemeen
en de poëzie in het bijzonder?
Om op deze vragen een pertinent antwoord te kunnen formuleren moeten we te rade gaan
bij de voorvechter en stichter van de beweging nl. Florentin Smarandache die menig werk
heeft gewijd aan de analyse van deze revolutionaire stroming en persoonlijk heeft
aangetoond waar hij nu precies voor staat.  Hij deed dat in verschillende Paradoxistische
Manifesten waaruit wij hier een paar essentiële elementen citeren.
Uit zijn derde manifest “Le troisième Manifeste Paradoxiste” lichten wij volgende
belangwekkende passage:
“Ik heb het totalitair regime van het communisme verlaten en ben geëimigreerd naar de
Verenigde Staten voor de vrijheid.  Dus dat men mij niet meer opnieuw regels oplegt, ook
en vooral geen literaire regels.  Want als men dat toch zou doen, zal ik ze onmiddellijk
afzweren.  Ik ben geen dichter, net daarom schrijf ik gedichten.  Ik ben een anti-poëet , of
een niet-poëet.  Zo ben ik in Amerika beland om het Standbeeld van de Vrijheid van het
Vers ontdaan van de tirannie van het classicisme en zijn dogmas weer op te richten.  Ik sta
alle vrijpostigheden toe:
-   de anti-literatuur en haar letterkunde
- vastgelegde flexibele vormen of het levend beeld van de dood!
- gedichten zonder verzen (omdat het begrip “gedicht” aan geen enkele bepaling uit het
woordenboek of de encyclopedie beantwoordt) – gedichten die bestaan door hun niet-
bestaan;
- gedichten bestaande uit woorden zonder zinnen;
- na-oorlogse literatuur: bladzijden en bladzijden gebombardeerd door platitudes,
opgeleverd door de herhaling en het niet-poëtische;
- paralinguïstische verzen (exclusief!)
- lyrische portretten, tekeningen, schetsen…
- vrije verzen, hermetische verzen, triviale verzen..;
- taal verstandelijk onverstandelijk opgevat;
- mathematische problemen zonder oplossing, zoals vrolijke gedichten van de geest – wij
moeten de kunst wetenschappelijk maken in deze technische eeuw;
- vertaling van het onmogelijke in het mogelijke,
- of transformatie van het abnormale naar het normale;
- KUNST voor NIET-KUNST.
- letterkunde produceren van gelijk wat,
- letterkunde produceren van niets!

De dichter is geen prins van de eenden!
De begrippen van poëzie en haar afgeleiden zijn in deze eeuw voorbijgestreefd en de
mensen lachen ermee uit minachting!
Ik ben beschaamd om te zeggen dat ik lyrische teksten heb geschreven en ik verberg ze.
De mensen luisteren niet meer en lezen geen lyrische teksten meer en nog minder willen zij
dit manifest lezen want er valt niets te lezen.
Niettegenstaande dat is het Paradoxisme noch nihilisme, noch ongelijkheid.
Dit boek met niet-gedichten is een protest tegen de commercialisering van de kunst.  
Verkopen jullie, schrijvers, Uw gevoelens ?  Scheppen jullie enkel voor de poen?  Enkel
boeken over misdaad, seks, en griezel worden nog gepubliceerd.  Waar is de echte
KUNST?
Tot de bedelstand verheven?
U kunt in dit boek niet geselecteerde gedichten vinden, evenals alles wat jullie niet nodig
hebben en haten:
gedichten die niet moeten worden gelezen, moeten ook niet worden geschreven!
Geniet ervan.
Het is enkel na het lijden dat men het plezier waardeert.
Zij bieden aan ieder van U een spiegel van de oneindige geest aan.  De kunst, in het
algemeen, wordt teruggedrongen naar zijn uiterste grenzen tot aan de niet-kunst en zelfs
verder…Beter een boek met blanco bladzijden dan een boek dat niets zegt.
Vervolgens wordt een zeer abstracte taal gebruikt maar parallel daarmee ook een zeer
concrete: niet restrictieve verzen in gelijk welke vorm of met gelijk welke inhoud.  Zij
gebruiken clichés en richten die tegen zichzelf.
ALLES IS MOGELIJK – DUS: OOK HET ONMOGELIJKE!
Dus, maak u geen zorgen over het onderwerp van dit anti-boek!  Als u het niet begrijpt
betekent dit dat u het net wel goed begrepen hebt.  Dat is het doel van dit manifest.  Omdat
de kunst er niet is voor de geest maar voor de gevoelens.  Omdat de kunst er ook is voor
de geest.  Probeer het oninterpreteerbare te interpreteren!  Uw verbeelding zal openbloeien
zoals een cactus in de woestijn.  Maar, het Parardoxistisch Manifest in het bijzonder, is een
revolte van de emigrant tegen de taal van zijn adoptieland, die hij niet spreekt (een anti-
taalboek met een zeer beperkte woordenschat – het discours van morgen?)”
En dan voegt Florentin Smarandache de spreekwoordelijke daad bij het woord en toont hij
o.a. in “Le sens du non-sens” bij voorbeeld wat hij precies bedoelt met non-poëzie en
paradoxistische verzen.  Henri Thijs vertaalde een paar gedichtjes uit deze merkwaardige
verzameling, alhoewel een vertaling hier minder gerechtvaardigd lijkt omdat het subtiele
taalspel waarop deze non-verzen vaak steunen in vertaling soms geheel verloren gaat.  In de
drie volgende versjes is dat iets minder het geval  en ze worden hier dan ook opgedist om
een idee te geven wat concreet wordt bedoeld met deze avantgardistische stroming in de
poëzie.

DRIE GEDICHTEN VAN FLORENTIN SMARANDACHE
vertaald door Henri Thijs

DE KLEINE GROTE DAG

De auteur heeft vleugels
aan zijn hoed.

Zijn rijtuig rijdt gezwind.
Hij zet de zinnen op een rij

                       en Corneille ziet hem
                    met een Arendsoog.

Vanuit de oceaan komt de dolfijn te voorschijn
                          de kop in de lucht.
De orkaan die nadert
             beweegt hemel en aarde.


(LE PETIT GRAND JOUR)



* * *


WANORDE

Men kleeft affiches of men afficheert
een zakenvruw
van harte
ik maak abstractie van het concrete.
De overtreder zit in de wagen.
De  p o l i t i e is bezig
          per helicopter te stelen.

De inspecteur telefoneert
                  en geeft een knuppel
aan een ondergeschikte.

Men neemt akte van de afwezigheid
  van de aktie *.

(* in het Frans “de l’acte” wat natuurlijk handeling, actie betekent, maar rijmt en
contrasteert met ” l’acte d’absence” : die gewilde paradox valt onvermijdelijk weg in
de vertaling)

(POESIE DU DESORDRE)


* * *


LETTERLIJKE EN FIGUURLIJKE RITMES

Vanut het standpunt
van de blinde
          is het japans
          hebreeuws

          het albanees
          chinees

Wel te verstaan heeft deze
het niet goed verstaan.
Hij is uit het bed gevallen
in het absurde.


(DES RYTHMES AU PROPRE ET AU FIGURE        )


(1) Zie:
www.geocities.com/jeanmariecharrier/Paradoxisme.html


terug naar boven
HET PARADOXISME…de laatste
avantgardistische stroming van het tweede
millennium
door Henri Thijs
(Fl.Smarandache c/r Ad Astra)